Bouwbesluit Online 2012


Artikel 5.5 Onverwarmde gebruiksfunctie

Artikel 5.5 geeft voor gebruiksfuncties die niet zijn bestemd om te worden verwarmd een uitzondering op de artikelen 5.2 tot en met 5.4. Het kan hier gaan om een gebouw voor seizoensgeboden gebruik, alleen in het zomerseizoen, maar ook bijvoorbeeld om een onverwarmde sporthal of een onverwarmde industriefunctie. Wanneer een verwarmingsinstallatie voor ruimteverwarming aanwezig is, betekent dit dat het gebouw bestemd is om te worden verwarmd, ook als er nooit gestookt wordt. In een dergelijk geval mag niet van de vrijstelling van dit artikel gebruik worden gemaakt.

Artikel 5.5, gebruiksfunctie met een lage energievraag, is bij Stb. 2020, 34 gewijzigd, maar niet in werking getreden. Genoemd artikel zoals opgenomen in niet in werking getreden artikel I, onderdeel E, van het Besluit houdende wijziging van het Bouwbesluit 2012 in verband met bijna energie-neutrale nieuwbouw (BENG, Stb. 2019, 501) is zo aangepast dat ook rekening wordt gehouden met gebruiksfuncties die op zich moeten voldoen aan de artikelen 5.2 tot en met 5.4, maar waar als gevolg van de specifieke omstandigheden toch sprake is van gebruiksfuncties met een lage energievraag. De tekst van artikel 5.5 zoals met BENG gewijzigd staat nu in het eerste lid. Het tweede lid bevat een uitzondering voor gebruiksfuncties waarbij de in artikel 5.2, eerste lid, bedoelde waarde ten hoogste 1% bedraagt van de maximumwaarde voor primair fossiel energiegebruik. Als daarvan sprake is, zijn de artikelen 5.2 tot en met 5.4 evenmin van toepassing. Met andere woorden, gebruiksfuncties die niet onder de uitzondering van het eerste lid kunnen vallen omdat er sprake is van (beperkte) verwarming of koeling ten behoeve van personen, kunnen onder de uitzondering van het tweede lid vallen. Om gebruik te maken van de uitzondering van het tweede lid, moet worden aangetoond dat de maximumwaarde voor primair fossiel energiegebruik, zoals deze wordt bepaald met toepassing van NTA 8800, op jaarbasis niet meer is dan 1% van de waarde voor primair fossiel energiegebruik die voor de gebruiksfunctie in kwestie is toegestaan op grond van tabel 5.1A. Als aan deze eis wordt voldaan is er ook sprake van een lage energievraag en zijn de artikelen 5.2 tot en met 5.4 niet van toepassing. Dit tweede lid is bijvoorbeeld van belang voor een wachtruimte van een attractie in een pretpark, waarbij gebruik wordt gemaakt van warmtestralers die alleen in koude perioden worden gebruikt.

Uw gekozen filters:

Type

Gebruiksfuncties